Kaalslag onder makelaars |
Maandag 02 Juni 2008 |
Het Parool bericht op 28 mei 2008: Onder makelaars dreigt een kaalslag. Bijna dertig procent van de makelaarskantoren draait verlies. Eén op de vijf makelaars, vooral buiten Amsterdam, dreigt het loodje te leggen. De consument kan van deze ontwikkeling profiteren. De makelaars die moeten afhaken, leveren veelal te weinig kwaliteit voor een te hoge prijs. Makelaars die erin slagen tegemoet te komen aan de wensen van de klant, weten wel het hoofd boven water te houden. Dat zeggen de brancheverenigingen van makelaars. Uit een marktanalyse van economisch onderzoeksinstituut SEO blijkt dat de makelaarsbranche er slecht voorstaat. Makelaars hebben last van het stagnerend aantal woningverkopen. Daarnaast staan de marges onder druk door de komst van goedkope internetmakelaars. Vooral slechte makelaars zijn daarvan de dupe. Vereniging Eigen Huis (VEH), de belangenvereniging van woningbezitters, ziet wel voordelen van deze ontwikkeling. Hert zorgt er volgens de VEH namelijk voor dat het kaf van het koren gescheiden wordt. "Een slechte makelaar is meestal iemand die beweert een huis voor een hogere prijs te verkopen dan andere makelaars. Vervolgens krijgt hij het huis niet verkocht. Daar schiet zowel de verkoper als de makelaar niets mee op", zegt Hans André de la Porte van de vereniging. Ook de makelaars zien positieve kanten aan de opschoning van de markt. "Gelukszoekers vallen door de mand", zegt directeur Ed van de Bijl van de Landelijke Makelaars Vereniging. In 2001 heeft het kabinet de verplichte beëdiging, en daarmee de bezschermde status van het beroep, afgeschaft. Daardoor is de concurrentie toegenomen. Door de prijsexplosie op de huizenmarkt stapten echter veel vrije jongens in de makelaarsbranche, die als enig doel hadden zo snel mogelijk geld te verdienen. Het imago van het beroep had onder deze instelling te lijden. Het aantal makelaars is gegroeid van ongeveer vierduizend in 2000 tot tussen de tien- en twaalfduizend nu. |